Thought Catalog Unsplash

De juiste balans vinden tussen passieve en actieve schrijfstijl

Iedereen heeft een voorkeursstijl voor het schrijven van teksten. De mensen die meer de passieve schrijfstijl hebben, gebruiken vaak hulpwerkwoorden als kunnen, worden en zijn in hun zinnen. Anderen gebruiken vaak woorden als misschien, mogelijk en waarschijnlijk. Op die manier willen zij laten zien dat er nog ruimte is voor discussie. Dit wordt ook wel de passieve schrijfstijl genoemd. Anderen schrijven juist recht voor zijn raap. Na het lezen van hun teksten weet je precies hoe ze over iets denken of wat ze gedaan hebben. Dat wordt ook wel de actieve schrijfstijl genoemd.

Net als in het leven, is bij het schrijven van teksten ook steeds een zoeken naar de juiste balans tussen duidelijk zijn en ruimte laten voor de lezer om met jou in gesprek te gaan. Mijn motto is dan ook: Wees duidelijk daar waar het nodig is en bied ruimte voor sympathie, discussie en betrokkenheid waar het kan.

Wat maakt een tekst actief of passief? 

Een zin is actief als het onderwerp van de zin een handeling uitvoert. Bijvoorbeeld, Jan loopt naar school. Jan is het onderwerp en het werkwoord lopen is de handeling. Een zin wordt passief als er een hulpwerkwoord wordt gebruikt. Bijvoorbeeld, Jan is naar school gelopen. En het wordt nog passiever als er ook nog een zogenaamd twijfelwoord aan de zin wordt toegevoegd. Bijvoorbeeld, waarschijnlijk is Jan naar school gelopen. 

Passieve zinnen geven dus meer ruimte voor onzekerheden, discussie en worden daardoor vaak als vaag ervaren. Veel collega-tekstschrijvers raden het schrijven in de passieve schrijfstijl dan ook af. Echter, er zijn situaties waarin deze schrijfstijl juist erg goed werkt. Lees daarvoor mijn blog: Waarom passieve zinnen niet altijd slecht zijn.

Voorkomen dat een tekst te passief en dus té vaag wordt

Ook ik ben een voorstander van heldere teksten en zie dat er nog te vaak onnodig in de passieve stijl wordt geschreven. Daarom deze blog om jou te helpen bij het opsporen van overbodige passieve tekstdelen in jouw tekst. In een aantal stappen geef ik aan hoe je jouw tekst kunt controleren en ervoor zorgdraagt dat jouw tekst niet té passief en té onduidelijk wordt.

1. Controleer elke zin met een hulpwerkwoord

De volgende werkwoorden zijn hulpwerkwoorden: 

  • Zijn
  • Hebben
  • Worden
  • Kunnen
  • Zullen 
  • Proberen

Je kunt je tekst handmatig doorlopen, maar ook de zoek-en-vervangoptie van je tekstverwerker gebruiken. Vul bijvoorbeeld ‘zul’ in en je vindt alle woorden met zul in je tekst, dus ook zult en zullen.

Bekijk vervolgens wat er gebeurt als je het hulpwerkwoord eruit haalt. Kun je de zin gemakkelijk herschrijven naar een actieve schrijfstijl?

Een klein hulpmiddel daarbij is om te kijken naar wie de handeling in de betreffende zin pleegt. Degene die handelt is het onderwerp van je zin. Om je zin actief te maken, plaats je degene die handelt voor het werkwoord, en het liefst zelfs helemaal vooraan in de zin.

Kies vervolgens voor een werkwoord dat een beeld oproept van een handeling. Voorbeelden daarvan zijn zingen, besluiten, verkopen, adviseren, schoonmaken en repareren. Vaak staat het betreffende werkwoord al in je zin.

Let op: soms is het goed om een zin passief te laten, dus blijf kritisch.

Stap 2. Ga op zoek naar twijfelwoorden in je tekst

De volgende woorden zijn voorbeelden van twijfelwoorden: 

  • Misschien
  • Mogelijk
  • Eventueel
  • Waarschijnlijk 
  • Wellicht
  • Vermoedelijk
  • …. 

Door het gebruik van deze woorden zwak je de inhoud van je tekst af. Wat gebeurt er als je deze woorden eruit haalt. Komt je standpunt dan beter over? Wil je dat ook of wil je nog ruimte laten voor discussie?

Stap 3. Lees de tekst opnieuw

Lees daarna de tekst nog een keer helemaal door. Zorg ervoor dat je tekst actief is als je objectief en duidelijk wilt zijn, en dat deze passief is als je verbinding wilt maken met de lezer of de focus wilt leggen op het ‘lijdend voorwerp’ en niet op de handelende persoon in je zin. Je hele tekst hoeft dus niet passief of actief te zijn. Binnen één alinea kun je zelfs wisselen tussen actief en passief. Vertrouw daarbij ook op je gevoel. 

Stap 4. Schakel een proeflezer of tekstschrijver in

Het kan handig zijn om een tekstschrijver in te schakelen, of een proeflezer, ter controle. Informeer hen goed over de doelgroep die je voor ogen hebt en de kernboodschap van je tekst. Geef ook aan wat je wilt dat de lezer denkt of doet na het lezen van je tekst. 

Van passief naar actief schrijven is confronterend

Ik vond het in het begin best confronterend om hulpwerkwoorden en twijfelwoorden uit mijn teksten te halen. Ik was namelijk een ster in het schrijven van passieve teksten. Waarom? Ik geef niet graag een duidelijke mening en heb het schrijfwerk deels van een politicus geleerd.

In de afgelopen jaren heb ik mezelf aangeleerd om een actievere stijl van schrijven te hanteren zowel in mijn blogs als e-mails, maar nog steeds betrap ik mijzelf regelmatig op onnodig passief taalgebruik. De bovenstaande stappen gebruik ik ook zelf voor het controleren van mijn teksten.

Van actief naar passief schrijven maakt sympathieker

Soms wil je niet dat de lezer zich focust op jou als handelend persoon, maar op wat je gedaan hebt. Dan is het verstandig om niet te schrijven, ‘Ik schreef voor de gemeente Goes het nieuwe beleidsplan’, maar dan schrijf je ‘Voor de gemeente Goes heb ik het nieuwe beleidsplan geschreven.’ Je legt daarmee de nadruk op wat je voor een opdrachtgever hebt gedaan en niet op jou als handelend persoon.  

Een tweede reden om van actief naar passief te gaan is om begrip te kweken voor jouw situatie of die van een ander. Mensen hebben meer sympathie voor iemand die iets overkomt. 

Door gebruik te maken van de passieve schrijfstijl bied je ook ruimte aan de lezer om met jou van gedachten te wisselen.

Ofwel een passieve schrijfstijl maakt jou als persoon vriendelijker en toegankelijker.

Rol van een tekstschrijver

Een goede tekstschrijver is niet van de strakke regels. Bij het schrijven en beoordelen van een tekst let ik altijd op de volgende zaken:

  • is de tekst afgestemd op de doelgroep
  • is de kernboodschap helder
  • roept het de juiste emotie en actie op bij de lezer 

Wil je dat jouw teksten de juiste balans hebben tussen actieve en passieve schrijfstijl? Stuur mij dan een e-mail voor een vrijblijvend advies en gesprek.